HY en ik, mei 2011

HY EN IK

 

Wie zijn de trouwe HY-rijders van ons team en wat drijft ze?

 

 

Deze keer: GERT EN MARIE-LOUISE DIJKMAN

 

 

 

Wie ben je en hoe is je liefde voor Citroën (en de HY in het bijzonder) ontstaan?

Liefde voor een Citroën, hoezo ? Ik ben Gert Dijkman uit Asten en eigenlijk is mijn vader (zaliger) de schuldige: een gezin met 6 kinderen, dus als we met z'n allen ergens heen moesten werd de hele bubs in een oude aftandse Traction Avant Familiale geladen. Met de klapstoeltjes omhoog had het kleinste grut voldoende speelruimte op de vloer en mochten de oudsten op de achterbank. Tja, zo ging dat in die tijd.

Toen ik een jaar of 16 was had mijn vader een "Echte Eend". Ik kon erin rijden, was toen al absoluut verknocht aan dit stukje simpele autotechniek ... maar moest m'n rijbewijs nog halen. Bijna daags ná m'n 18e verjaardag had ik dat felbegeerde (toen nog) roze papiertje ... edoch de "Echte Eend" was intussen door z'n knieën gegaan ... en voor eeuwig afgevoerd.

Daarnaast bleef mijn vader maar mijmeren over z'n Traction Avants (jawel, hij had meerdere aftandse exemplaren ten grave gedragen; destijds gewoon omdat dat soort auto's niet meer "hip" en dus heel goedkoop waren) en mijmerde ik met hem mee ...
Eenmaal getrouwd met Marie-Louise hadden we samen een (witte) Eend (15e hands). Daarna nóg een (rode) Eend (8e hands). Vervolgens een (beige) Diane (3e hands). Wat later een (beige) Ami (2e hands). En uiteindelijk een (knalrode) Acadiane (gloedjenieuw!). Deze laatste hadden we ingericht als mini-camper: vloertje bovenop de wielkasten, luchtbed + slaapzakken eròp, bagage erònder, gordijntjes voor de ramen, nachtlampje achterin...
Naast deez' edele vervoersmiddelen hebben we tussendoor enkele jaren, enkel "bezwaard" door een rugzak met minitentje en zo (voor de moderne jeugd: "back-pakkend") door Griekenland gezworven. En dààr... is voor het eerst dat stuk ribbelblik op m'n netvlies gebrand. Natuurlijk; onze bakker, de groenteboer, de melkboer en de politie reden er vroeger in rond ... maar toen ik op een Griekse camping een HY onder de olijfbomen ontwaarde... hip beschilderd, gezellig ingericht, achterklep omhoog ... jong stelletje erin, op hun gemak gezeten aan een tafeltje genietend van hun avondmaaltijd... TOEN... is het eigenlijk begonnen.
 

Hoe en waar hebben jij en HY elkaar ontmoet?
Echte liefde roest niet. (Ook al roest dan misschien het onderwerp van die liefde wèl.) Na een wachttijd van zo'n dikke 20 jaar (je kent dat wel: huisje, boompje beestje, kindertjes krijgen en ze weer de deur uit werken ...) "vond" een vriend die mijn dromen kende, een HY. Gewoon langs de weg, in Bemelen in Limburg. Stond niet te koop en desgevraagd wilden de eigenaren hem ook niet wegdoen. Maar ze hadden er eigenlijk geen tijd meer voor. Toch jammer dat 'ie een beetje stond weg te roesten...

Afijn: uiteindelijk, op 28 december 2001 kwam Otje (a.d. 1981) tegen betaling van... jawel: NLG 1.400,= in ons bezit.

Motor: O.K. Remmen: O.K. Chassis: O.K. Plaatwerk: ahum... AHUM !!

Dus, vergezeld van jongste dochter (toen en nog steeds absolute "Otje-fanaat") met een oorverdovende snelheid van wel 110 km/h op de teller over de A2 richting Asten. Nou, ik wist dat ik iets bijzonders reed, maar allerlei bekende en ineens ook ònbekende buren kwamen plots een praatje maken...
 

Was het liefde op het eerste gezicht?
Liefde op het eerste gezicht ? Nou nee. Althans als ik eerlijk ben: de HY hoorde bij het straatbeeld uit m'n jeugd en toen was het gewoon één van de vele auto's die er rondreden en die tóentertijd geen speciale emoties opwekten.

Nú, zoveel jaren en auto's later, denk je daar dan een beetje anders over. Zéker mijn leeftijdgenoten die, net als wij, een beetje last krijgen van een "back to the roots"-gevoel. Misschien een beetje nostalgie, een beetje hàndiger dan vroeger.  Een hang naar "simplicity" en uiteindelijk tòch nog steeds een beetje dat "Eend-gevoel", maar dan in overtreffende trap. En, niet te vergeten: het "in-het-verlengde-van-onze-aanvankelijke-simpele-backpack-vakanties" verlangen om in een no-nonsense campertje tijdens onze (nu nog zomer-) vakanties rond te kunnen reizen.

Viel je op de buiten- of de binnenkant?

De buitenkant was grotendeels "shit". Overal roest en gaten in de carosserie waarvan muizen dankbaar gebruik van hadden gemaakt door talloze nesten te bouwen. Alle (HY-rijders bekende) plekken waren aangetast, beschadigd en doorgeroest zoals het een èchte HY betaamt. Dus dáárop "viel" ik niet. De binnenkant bestond vooral uit kilo's spaanplaat waarmee enig vorig eigenaar een poging richting "camper" had gedaan... Dus óók niet!
 

Wat weet je over hem?
Door de vorige (2e) eigenaars is me verteld dat de oorspronkelijke (1e) eigenaar een handelaar in gasflessen was. Tja, dat was dus wel duidelijk: de vloer van Otje was nu niet bepaald vlak; door het gewicht van die gasflessen was de bodem aardig gedeformeerd. Máár: daar had die gashandelaar een oplossing voor: als de vloer tè ernstige verzakkingen begon te vertonen kieperde hij daar gewoon een emmertje beton in. Vlak afstrijken en rijden met de geit...

't Was tóch een beetje vreemd om, zoveel jaren later, de vloer van een HY schoon te moeten "bikken" met een steenbeitel...

Heb je veel aan hem moeten veranderen(of wat zou je willen veranderen)?
Veranderen ? Neen. Gewoon zoveel mogelijk terugbrengen in de originele staat. Waarbij ik dus wèl hulde breng aan het voortreffelijk geoutilleerde magazijn in Heesch: zonder dàt zou Otje misschien nog steeds niet rondrijden. Zoals aldaar aangeschaft: (puriteinen onder ons: niet verder lezen maar doorschakelen naar de volgende vraag!) verschillende polyester-onderdelen: voorportieren, zijplaten motorhuis, driehoekjes onder de banaan, spatborden, benzinetankklep, rubber geneuzel en nog een heleboel meer.

De enige echte verandering, of eigenlijk toevoeging, is de gasinstallatie die is ingebouwd. Jawèl: ìs ingebouwd, door een professioneel bedrijf. Heb allerlei verhandelingen daarover op het Forum gevolgd, allerlei zelfbouwtoestanden in levende lijve mogen aanschouwen, maar veiligheid staat bij mij hoog in het vaandel!

Wat doen jullie in je vrije tijd?
In "onze" vrije tijd staat Otje tegenwoordig een beetje om het hoekje te gluren als ik aan het werk ben aan "Valérie", onze AZU 250. Maar tijd om jaloerse gevoelens te krijgen geef ik haar niet: we hebben (of bedenken) héél vaak een reden om er samen even tussenuit te knijpen. Ze ( Jawel: "ZE"! Want in tegenstelling tot wat de titel van deze rubriek doet veronderstellen is Otje een DAME, ook al is ze] een HY !) is in de Astense contreien intussen al een bekende verschijning. Daarnaast is ze het ultieme vakantiehuisje van Marie-Louise en mij en heeft ze ons sinds haar face-lift al duizenden kilometers vervoerd. En zal ze dat (hopelijk) nog jaren blijven doen.

Oòk blijkt ze een "absolute hit". Niet alleen voor mijzelf; òòk een klein beetje voor mede-weggebruikers en/of campeerders in Nederland, maar vooral... in Frankrijk! Vele rHYders zullen dat al hebben meegemaakt: al die opgestoken duimen, dat geclaxonneer onderweg, die toeloop van campinggasten terwijl Otjes motor nog niet eens is afgezet...

Voor ons bleek de ultieme verliefdheid op een HY tijdens onze vakantie 2010 in Zuid-Frankrijk: Otje, dorstig als ze is, lag aan het infuus van een tankstation toen plots, zo'n 50 meter verderop, een streekbus vol passagiers met gierende remmen tot stilstand werd gebracht, de deuren openklapten en een corpulente buschauffeur, gewapend met een fototoestel, zich zo snel mogelijk in onze richting spoedde. Na een hijgende uitleg "verliefd op de HY"... "over een tijdje gepensioneerd"... "zòòò'n prachtige voiture"... "geen bezwaar tegen foto's maken?"... "later òòk zo'n geweldige voiture"... "merci, merci..." werd Otje voor de zoveelste keer vereeuwigd terwijl die streekbus met inhoud geduldig langs de kant van de weg stond te wachten.
Frankrijk is absoluut òns vakantieland. Vroeger anoniem. Tegenwoordig heb ik geen pasjes meer nodig, de slagbomen van de campings gaan vanzelf omhoog...

Is jullie relatie blijvend?
Tja... tja...
In 1986 schafte ik "Dikke Bertha" (m'n B.M.W. R75/5 uit 1972) aan en botvierde daarop m'n ontluikende technische kundigheden met een totale restauratie en face-lift tot gevolg. Wist ik veel, 'k was wel een beetje handig, maar had nog nooit gesleuteld o.i.d. Wèl meteen het werkplaats-handboek aangeschaft maar vooral: absoluut niet gehinderd door énige kennis van zaken. Toen had ik niet kunnen vermoeden dat ik nu, inmiddels 25 jaar later, iedere morgen nog steeds met nèt zoveel plezier op haar (jawel ) zadel kruip om naar m'n werk te gaan. Het hele jaar door, samen alle weergoden trotserend.

Datzelfde gevoel als toen ik Dikke Bertha kocht, had ik óók met Otje. En ik heb in al die, bijna 4 jaar, vrije tijd die ik aan haar gewerkt heb er nóóit aan getwijfeld: DIT is MIJN HY. En, mócht ik ooit te oud worden om haar de weg te wijzen, ze blijft in de familie want onze jongste dochter staat reeds lang in de startblokken...
 

Enne oh ja ... mócht je het nog niet gezien hebben, kijk dan ook eens hier:

 

http://www.youtube.com/watch?v=-B-nGoOZGP4 

 

Hoe ziet je ideale HY er uit?

Retorische vraag en behoeft, althans voor mij, geen antwoord (meer).

 

Wie zou je hierna het hemd van het lHYf willen vragen?

Karel en Annette Jongejans.